advertentie google

Het begint licht te sneeuwen. De straatlantaarns toveren sterretjes tevoorschijn. Dat past wel bij deze avond, Kerstavond. 
Door het centrum sloffen sjofel geklede mensen. Ze kijken niet op of om en als je toch een glimp van hun ogen opvangt, zie je het verdriet van alle tegenslagen in hun leven. 
Met die sneeuw, de kerstbomen en de zachte klanken van Stille Nacht lijken ze op de herders uit het Evangelie van Lucas, die op weg gingen omdat ze een blijde boodschap hadden gehoord. 
Het zijn geen herders maar zwervers die op weg zijn naar de schouwburg in het centrum. Zwervers uit alle hoeken en gaten van de stad.

In de schouwburg is het al een drukte van belang. Er zijn al veel daklozen aanwezig. De vrijwilligers lopen bedrijvig rond met koffie en kerstbrood. Dat wordt door de gasten dankbaar aangenomen. 
Verkleumd blijven ze binnen druppelen waar het warm is en naar lekker eten ruikt. Ja, binnen is het goed. 
Een zangkoor zingt: “Komt allen tezamen.” Als bijna alle plaatsen bezet zijn, komt een strak-in-het-pak-zittende wethouder naar voren en heet iedereen van harte welkom. 
Geen mens die er naar luistert want iedereen heeft het veel te druk met eten of eten uitdelen. De wethouder maakt plaats voor een andere heer, een dominee. 
Deze man krijgt het wel voor elkaar dat iedereen gaat luisteren. Hij begint met: 
    "Welkom op deze avond, deze Heilige Avond waarin ruim tweeduizend jaar geleden Jezus werd geboren." 
De mensen kijken hem aan en knikken, dat is waar, toen is Jezus geboren.
Samen zingen ze Stille Nacht, Heilige Nacht. Nog nooit klonk dit lied mooier dan vandaag. Het wordt namelijk gezongen door mensen waarvoor ook geen plaats is in de herberg.
De dominee begint aan zijn kerstvertelling. 
     "Dit verhaal gaat over een man die het goed had in het leven. Lieve ouders, lieve vrouw en kinderen, goede vrienden en werk wat hij graag deed. Op een mooie zomerdag ging hij naar zijn werk en kwam niet meer terug. Niemand wist waar hij was. Zijn vrouw , kinderen en vrienden hebben weken tevergeefs gezocht. De zomer ging voorbij en de herfst kwam en nog steeds geen teken van leven van die man. In november komt een kennis van die man bij de vrouw langs en zegt: 
     "ik heb hem gezien in een plaats waar ik moest zijn. Daar zwerft hij rond." 
De vrouw, die nog steeds veel houdt van haar man, barst in tranen uit en zegt: 
    "ik dank God in de hemel dat hij nog leeft."

Een paar dagen later komt een vriend des huizes binnen lopen, hij zegt dat hij in december een paar weken naar de plaats moet waar haar man is gezien. 
In die tijd wil hij op zoek gaan naar hem. De vrouw loopt op hem af en kijkt hem met een betraand gezicht aan: 
    "dat jij dat wil doen, bewijst wat voor vriend je bent.”
Het is de week voor kerst. De man is al een paar dagen daar aan het werk, als hij een zwerver ziet met bekende trekken in zijn gezicht. 
Hij draagt kapotte kleren en ziet er verwaarloosd uit. Hij loopt naar de zwerver toe en zegt: 
    “ik ben blij dat ik je gevonden heb.” 
Hij ziet dat de zwerver hem ook herkent, maar vlug verder loopt. De vriend gaat achter hem aan. 
    “Kom mee naar huis, daar wachten je vrouw en de kinderen op jou.” 
De zwerver kijkt niet op of om en loopt door zonder iets te zeggen. Dat gaat zo nog een paar dagen door.

Twee dagen voor kerst wordt de man op de schouders getikt. Hij draait zich om en kijkt in het gezicht van zijn vriend. Hij heeft zich geschoren en ook iets schoons aangetrokken.
 “Ik wil wel naar huis maar ik durf niet meer,” zegt hij en kijkt naar de grond, “het is te lang geleden.” 
De vriend kijkt de man tegenover hem aan en voelt dat hij de waarheid spreekt.

Op een enkel kuchje na is het stil in zaal. Iedereen zit in zijn eigen gedachten. Het is ook zo’n herkenbaar verhaal. Bij velen is het zo begonnen, niet meer terug durven naar huis, niet meer terug kunnen naar huis, geen thuis meer hebben.
De dominee kijkt de zaal in en zegt: 
    “deze man is gevonden omdat hij gevonden wilde worden. Jezus volgt ieder mens, ook jullie volgt hij.” 
Er volgt een gemompel en geschuifel in de zaal. Van deze woorden worden ze wat onrustig. 
    “Jazeker, ook jullie worden gevolgd door Hem,” vervolgt de dominee zijn betoog, 
    “want jullie behoren ook tot Zijn kudde. Het maakt voor Jezus niet uit of je in een villa slaapt of in het park, alle mensen zijn gelijk voor Hem.
    Amen."        

Het zangkoor zet het laatste lied in: Ere zij God in den Hoge. Stil en eerbiedig luisteren de gasten naar het lied.                                     
Kerstfeest 2009 is voor deze mensen begonnen in een warme stal. Ze gaan naar een andere ruimte waar veldbedden klaar staan. Daar kunnen zij met Kerst de nacht doorbrengen. Een enkeling gaat weg, maar de meesten blijven.

Ik wens u allen een gelukkig en gezegend Kersfeest.
Klaas van Eijbergen